Meehelpen? Ga naar etymologieWiki

 

Jaarwoord generator van Genootschap Onze Taal

 

demonstratie - (vertoning)

Etymologische (standaard)werken

M. Philippa, F. Debrabandere, A. Quak, T. Schoonheim en N. van der Sijs (2003-2009) Etymologisch Woordenboek van het Nederlands, Amsterdam

demonstratie zn. ‘vertoning’
Vnnl. demonstratiën (mv.) ‘vertoningen door gebaren’ [1548; Mak], nnl. demonstratie ‘bewijs, betoog’ [1805; Meijer], demonstratien (mv.) ‘betoging’ [1867; WNT Aanv.].
Ontleend aan Frans démonstration ‘bewijsvoering, betoog’ [1225; Rey] of direct uit Latijn dēmōnstrātiō ‘verduidelijking, verklaring, nauwkeurige opgave’, een zn. bij het werkwoord dēmōnstrāre ‘aanwijzen, duidelijk maken, kenbaar maken’, gevormd uit dē- ‘weg, af’ en mōnstrāre ‘tonen, wijzen’. Het laatste is een afleiding bij het zn. mōnstrum ‘kenteken, symbool van de goden’, zie → monster 2.
De oorspr. betekenis was ‘bewijs, betoog’, later ook ‘openbare bekendmaking’. In de betekenis ‘betoging’ is het woord in de 19e eeuw weer ontleend aan het Engels. Hetzelfde geldt voor het bijbehorende werkwoord demonstreren.
demonstreren ww. ‘aantonen; betogen’. Vnnl. demonstreren ‘tonen, laten zien’ [1595; WNT Aanv.], ‘beargumenteren’ [1600; WNT Aanv.]; nnl. demonstreeren ‘aantonen, bewijzen’ [1786; WNT Aanv.], ‘een betoging houden’ [1932; WNT Aanv.]. Ontleend aan Latijn dēmōnstrāre ‘id.’. ♦ demo zn. ‘demontratieopname’ [1982; Reinsma 1984], ‘demonstratie, betoging’ [1988; Coster 1999]. Verkorting van demonstratie. De eerste betekenis is volledig gelexicaliseerd en wordt zelf ook weer in samenstellingen gebruikt zoals demo-versie, demo-bandje. In de betekenis ‘demonstratie’ wordt de verkorting alleen informeel gebruikt.

EWN: ♦ demonstreren ww. 'aantonen; betogen' (1595)
ANTEDATERING: demonstreren 'bewijzen, duidelijk tonen' [1553; Werve, D3r]
EWN: ♦ demo zn. 'demonstratieopname' (1982)
ANTEDATERING: demonstratiebanden (demo's) [1970; Het vrije volk (KB) 26/9]
[J. Luif (2010-2018), 'Oudere dateringen van woorden uit het EWN', in: Trefwoord (bewerkt)]

P.A.F. van Veen en N. van der Sijs (1997), Etymologisch woordenboek: de herkomst van onze woorden, 2e druk, Van Dale Lexicografie, Utrecht/Antwerpen

demonstratie [het aantonen] {1650} < frans démonstration < latijn demonstrationem, 4e nv. van demonstratio [het aanwijzen, bewijs, aanschouwelijke voorstelling], van demonstrare (verl. deelw. demonstratum), van de [neer] + monstrare [tonen] (vgl. demonstreren).

Dialectwoordenboeken en woordenboeken van variëteiten van het Nederlands

G.J. van Wyk (2007), Etimologiewoordeboek van Afrikaans, Supplement, Stellenbosch

demonstrasie s.nw.
1. Vertoning van hoe iets werk of gedoen moet word. 2. Bewysvoering. 3. Betoging.
Uit Ndl. demonstratie (1548 in bet. 1, 1805 in bet. 2, 1867 in bet. 3).
Ndl. demonstratie uit Fr. démonstration uit Latyn demonstrationem, demonstratio 'die aanwys, bewys, aanskoulike voorstelling', met lg. van demonstrare, 'n afleiding met de- 'geheel en al' van monstrare 'toon'.
D. Demonstration (16de eeu), Eng. demonstration (ongeveer 1374), It. dimostrazione, Port. demonstra¢ão, Sp. demonstratión.

Thematische woordenboeken

N. van der Sijs (2005), Groot Leenwoordenboek

demonstratie ‘het tonen’ (Frans démonstration); ‘betoging’ (Engels demonstration)
Uitleenwoordenboeken

N. van der Sijs (2010), Nederlandse woorden wereldwijd, Den Haag; met aanvullingen uit Uitleenwoordenbank 2015

demonstratie ‘betoging’ -> Fries demonstraasje ‘betoging’; Indonesisch démonstrasi ‘betoging’; Menadonees démonstrasi ‘betoging’.

Dateringen of neologismen

Nicoline van der Sijs (2015-heden), Jaarwoordenzoeker ‘Een woord uit elk jaar 1800-heden’, zie ook bij Onze Taal

conservatief [politiek behoudend] (1848). In 1848 breken overal in Europa revoluties uit. Een direct gevolg hiervan was een grondwetswijziging naar Engels voorbeeld, op initiatief van de liberale politicus Johan Rudolph Thorbecke (1798-1872). De invloed van Engeland op de Nederlandse politieke ontwikkelingen is in deze periode zeer groot, en als gevolg daarvan worden er veel Engelse politieke termen overgenomen, zoals conservatief, debater, demonstratie (‘betoging’), imperialisme, internationaal, parlement, pragmatisme, protectionisme en quorum. De nieuwe staatsinrichting in de negentiende eeuw zorgt sowieso voor allerlei nieuwe termen in het Nederlands, zoals actief kiesrecht, passief kiesrecht, kieswet en volksvertegenwoordiging. Neerlandicus Jan te Winkel zegt hierover in het gedenkboek Eene halve eeuw 1848-1898: “Zoo heeft de meer democratische regeeringsvorm van 1848 allerlei woorden in onze spreektaal ingevoerd, die of geheel nieuw waren of te voren slechts nu en dan waren geschreven. Daar het jeugdig parlementarisme zich het zooveel oudere en meer ontwikkelde Engelsche in menig opzicht tot voorbeeld nam, kwamen er als van zelf ook Engelsche woorden in de mode, als budget (naast “begrooting”), club, en daarvan de jongere samenstelling kamerclub, meeting en speech [...]. Partijnamen ontstonden als clericaal en christelijk-historisch, behoudend en vooruitstrevend (’t laatste nog jong, zooals over het algemeen het streven zonder nader aangeduid doel), socialistisch (of sociaal, zooals het volk zegt) en radicaal, dat nu ook absoluut gebruikt kan worden, terwijl men vroeger alleen van “radicaal bedorven”, enz. kon spreken. Tamelijk nieuw zijn ook nog monsterverbond, kiesplicht, stemplicht, dienstplicht, leerplicht , schoolplicht. Tot het allernieuwste (sinds 1897 bekend) behoort ook stempotlood.”

N. van der Sijs (2001), Chronologisch woordenboek: de ouderdom en herkomst van onze woorden en betekenissen, Amsterdam

demonstratie het aantonen 1596 [Aanv WNT] <Frans

demonstratie betoging 1867 [Aanv WNT] <Engels

Overige werken

Woordenboek der Nederlandsche taal (WNT) & Middelnederlandsch woordenboek (MNW) & Vroegmiddelnederlands woordenboek (VMNW) & Oudnederlands woordenboek (ONW) – alle onderdeel van de Geïntegreerde Taalbank (GTB)

Zoek dit woord op in het WNT, MNW, VMNW, ONW.

Hosted by Instituut voor de Nederlandse Taal