Meehelpen? Ga naar etymologieWiki

 

Jaarwoord generator van Genootschap Onze Taal

 

pers - (linnenpers, drukpers)

Etymologische (standaard)werken

M. Philippa, F. Debrabandere, A. Quak, T. Schoonheim en N. van der Sijs (2003-2009) Etymologisch Woordenboek van het Nederlands, 4 delen, Amsterdam

pers 1 zn. ‘apparaat om te persen, drukmachine; bladen, journalisten’
Mnl. in die perse te doene ‘in de (laken)pers te doen’ [1284; VMNW], perse ‘(wijn)pers’ [1332; MNW-P]; vnnl. De letteren ... t'setten ... ende de persse ‘de letters, het zetten en de (druk)pers’ [1567; WNT zetten], Sy lach in weyntjens pars, sy wist niet hoe sy sou ‘ze lag in de verdrukking, ze wist niet wat ze moest’ [1613; WNT], in wat pers ‘onder welke druk’ [1620; WNT], De pers gaat nu in arbejdt ‘de (druk)pers gaat nu aan het werk’ [1641; WNT toewijden]; nnl. pers ‘werktuig om te persen, dagbladen e.d., schrijvers’ [1864; Calisch], De Duitsche pers ‘de Duitse journalisten’ [1909; WNT vloot I].
Ontleend met r-metathese (zie → kerst) deels via Frans presse ‘gedrang’ [ca. 1050; TLF], ‘persapparaat’ [eind 11e eeuw; TLF], ‘drukpers’ [eind 15e eeuw; TLF], aan middeleeuws Latijn pressa ‘druk’, een afleiding van Latijn pressāre ‘drukken, persen’, een intensief van premere ‘id.’ op basis van het verl.deelw. pressum. Frans presse kan ook afgeleid zijn van presser ‘kwellen, lastigvallen’ [1150; FEW], ‘persen’ [ca. 1200; TLF], ‘aandrang uitoefenen’ [1302; TLF], dat ook weer ontstaan is uit Latijn pressāre.
persen ww. ‘(samen)drukken, gladstrijken’. Mnl. persen ‘(samen)drukken, aandringen’ [1240; VMNW], ‘dwingen’ [1288; VMNW]; vnnl. een parste huyck ‘een glad geperste mantel’ [ca. 1567; WNT]. Afleiding van pers.

P.A.F. van Veen en N. van der Sijs (1997), Etymologisch woordenboek: de herkomst van onze woorden, 2e druk, Van Dale Lexicografie, Utrecht/Antwerpen

pers1 [linnenpers, drukpers] {pers(s)e [pers, druk] 1284; de betekenis ‘drukpers’ 1641} met metathesis van r < oudfrans presse [druk] < latijn pressa [idem], zelfstandig gebruikt vr. verl. deelw. van premere [drukken].

J. de Vries (1971), Nederlands Etymologisch Woordenboek, Leiden

pers znw. v., mnl. perse, persse, parse, parsse, porse, porsse ‘pers, het drukken, gedrang, opdringende menigte, strijd, gewoel, overlast’, evenals mnd. perse, parse v. ‘olie-, wijnpers, druk, het drukken’, met metathesis van de r naast mhd. presse ‘werktuig om te persen, mensenmenigte, gedrang’, oe. press ‘instrument voor spinnen’ < ofra. presse gevormd van presser ‘drukken’ < lat. pressāre.

Het woord kreeg in de loop van de tijd allerlei nieuwe betekenissen, meestal naar het voorbeeld van fra. presse. Sedert de 16de eeuw betekent het woord na het opkomen van de boekdrukkunst ‘drukpers’ en in het begin der 19de eeuw ‘de van de pers gekomen boeken en geschriften’, sedert het midden dezer eeuw wordt het dan beperkt tot kranten en tijdschriften.

N. van Wijk (1936 [1912]), Franck's Etymologisch woordenboek der Nederlandsche taal, 2e druk, Den Haag

pers znw., mnl. pers(s)e, pars(s)e, pors(s)e v. (voor deze nog dial. bestaande vocaalvarianten vgl. barsten, dertien) “ pers, het drukken, gedrang, opdringende menigte, strijdgewoel, overlast, toestand van angst of verdrukking”. = ohd. frëssa v. “pressura” (Notker), mhd. prësse v. “pers (voorwerp), menschenmenigte, gedrang” (nhd. presse), mnd. perse, parse v. “(olie-, honig-, wijn-)pers, druk, het drukken”, ags. prëss v. “een spin-benoodigdheid”. Ontl. deels uit ’t laatlat. of gesproken-rom. pressa (van pressus, deelw. van premere “drukken”), deels uit fr. presse, op invloed waarvan in ’t Ndl. de nu verouderde vorm pres(se) berust. — Evenzoo het ww. mnl. persen, parsen, porsen “persen, drukken” (ook overdr.; nnl. persen), ohd. prëssôn (nhd. pressen) “id.”, (os. prësseri m., eig. “perser”, dan “pers”), meng. pressen (eng. to press) “id.” van lat. pressâre resp. fr. presser “drukken, persen”. Een latere ontl. is nnl. pressen, nog niet bij Kil., wellicht bij ons uit ’t Du., evenals de. presse, zw. pressa.

J. Vercoullie (1925), Beknopt etymologisch woordenboek der Nederlandsche taal, Den Haag / Gent

pers 1 v. (om te persen), Mnl. perse, gelijk Hgd. presse, Eng. press, uit Fr. presse, verbaalabstr. van presser, Lat. pressare, frequent. van premere = drukken, dringen.

Dialectwoordenboeken en woordenboeken van variëteiten van het Nederlands

G.J. van Wyk (2003), Etimologiewoordeboek van Afrikaans, Stellenbosch

1pers s.nw.
1. Werktuig waarin iets tussen twee plate platgedruk word. 2. Werktuig waarmee leesstof gedruk word. 3. Dit, veral koerante, wat deur die drukpers voortgebring word. 4. Verslaggewers en ander meningsvormers wat by koerante werksaam is.
Uit Ndl. pers (al Mnl. in bet. 1, 1641 in bet. 2, 1869 in bet. 3, 1898 in bet. 4).
Ndl. pers uit Fr. presse, dus met metatesis van die r.
Eng. press.

S.P.E. Boshoff en G.S. Nienaber (1967), Afrikaanse etimologieë, Die Suid-Afrikaanse Akademie vir Wetenskap en Kuns

pers: 1. s.nw., drukwerktuig; masjien v. drukwerk; koerantwese, joernalistiek; Ndl. pers (Mnl. perse/parse), soos Eng. press, via Fr. presse uit Ll. pressa uit Lat. pressus (verl. dw. v. premere of verb. m. intens. pressare); 2. ww., “druk”, i.v.m. wynmakery gew. alleen pars; Ndl. persen/parsen (Mnl. persen/parsen), soos Eng. press, via Fr. presser uit Lat. pressare, “druk”.

Thematische woordenboeken

Nicoline van der Sijs (2005), Groot Leenwoordenboek

pers ‘amandelpers’ (Oudfrans paste); ‘tapijt’ (van Perzië); ‘wijnpers, drukpers’ (Latijn pressa); (een goede -- hebben) (vert. van Frans avoir une bonne presse)
Uitleenwoordenboeken

N. van der Sijs (2010), Nederlandse woorden wereldwijd, Den Haag; met aanvullingen uit Uitleenwoordenbank 2015

pers ‘apparaat om te persen, drukpers; journalisten’ -> Indonesisch pérs ‘schrijvers, journalisten van kranten en tijdschriften’; Javaans pères ‘schrijvers, journalisten’; Kupang-Maleis parés ‘schrijvers, journalisten van kranten en tijdschriften’; Japans † peresu ‘apparaat om te persen’; Negerhollands pres ‘apparaat om te persen, drukpers’ (uit Nederlands of Engels).

Dateringen of neologismen

N. van der Sijs (2001), Chronologisch woordenboek: de ouderdom en herkomst van onze woorden en betekenissen, Amsterdam

pers drukpers 1641 [WNT] <Frans

Overige werken

Woordenboek der Nederlandsche taal (WNT) & Middelnederlandsch woordenboek (MNW) & Vroegmiddelnederlands woordenboek (VMNW) & Oudnederlands woordenboek (ONW) – alle onderdeel van de Geïntegreerde Taalbank (GTB)

Zoek dit woord op in het WNT, MNW, VMNW, ONW.

Hosted by Meertens Instituut