Meehelpen? Ga naar etymologieWiki

 

Jaarwoord generator van Genootschap Onze Taal

 

sandaal - (schoeisel)

Etymologische (standaard)werken

M. Philippa, F. Debrabandere, A. Quak, T. Schoonheim en N. van der Sijs (2003-2009) Etymologisch Woordenboek van het Nederlands, 4 delen, Amsterdam

sandaal zn. ‘schoeisel’
Vnnl. sandael ‘sandaal’ [1599; Kil.].
Via Oudfrans sandale ‘sandaal’ [1160; TLF] ontleend aan Latijn sandālium ‘id.’, van Grieks sandálion ‘id.’, het verkleinwoord van sándalon ‘houten zool’. Dit is afgeleid van Perzisch sāndāl ‘schoen van de Lydische god Sandal’.

P.A.F. van Veen en N. van der Sijs (1997), Etymologisch woordenboek: de herkomst van onze woorden, 2e druk, Van Dale Lexicografie, Utrecht/Antwerpen

sandaal1 [schoeisel] {sandael 1599} < frans sandale [idem] < latijn sandalium [sandaal] < grieks sandalon [idem], een leenwoord uit Klein-Azië.

J. de Vries (1971), Nederlands Etymologisch Woordenboek, Leiden

sandaal znw. v., sedert Kiliaen < lat. sandalium < gr. sandálion, afl. van sándalon sāndäl eig. ‘schoen van de lydische god Sandal’ (P. Kretschmer IF 45, 1927, 270).

N. van Wijk (1936 [1912]), Franck's Etymologisch woordenboek der Nederlandsche taal, 2e druk, Den Haag

sandaal znw., sedert Kil. Internationaal woord, ontleend uit lat. sandalium> gr. sandálion, demin. van gr. sándalon “houten zool, sandaal”, dat uit perz. sandal “id.” wordt afgeleid.

J. Vercoullie (1925), Beknopt etymologisch woordenboek der Nederlandsche taal, Den Haag / Gent

sandaal v., uit Fr. sandale, van Lat. sandalium, Gr. sándalon, Perz. sandal.

Dialectwoordenboeken en woordenboeken van variëteiten van het Nederlands

G.J. van Wyk (2003), Etimologiewoordeboek van Afrikaans, Stellenbosch

1sandaal s.nw.
Skoensool van leer of rubber wat deur bande aan die voet vasgehou word.
Uit Ndl. sandaal (1599).
Ndl. sandaal via Fr. sandale uit Grieks-Latyn sandalia wat teruggaan op 'n Persiese grondvorm sandal 'houtsool, sandaal'.
D. Sandale (16de eeu), Eng. sandal (1382), Fr. sandale (13de eeu).

Thematische woordenboeken

Nicoline van der Sijs (2005), Groot Leenwoordenboek

sandaal (Frans sandale)
Uitleenwoordenboeken

N. van der Sijs (2010), Nederlandse woorden wereldwijd, Den Haag; met aanvullingen uit Uitleenwoordenbank 2015

sandaal ‘schoeisel’ -> Indonesisch sandal; (Bahasa Prokem) sendokal, senokal ‘schoeisel’; Boeginees sandâlá ‘schoeisel’; Gimán sandál ‘schoeisel, slipper’; Jakartaans-Maleis sendal ‘schoeisel’; Javaans sandhal ‘schoeisel’; Kupang-Maleis sandal ‘schoeisel’; Madoerees sandhal ‘schoeisel’; Makassaars sandâl, sandâlá ‘schoeisel’; Menadonees sandal ‘schoeisel’; Muna sandali ‘schoeisel’; Surinaams-Javaans sandhal, srandhal ‘schoeisel’.

Dateringen of neologismen

N. van der Sijs (2001), Chronologisch woordenboek: de ouderdom en herkomst van onze woorden en betekenissen, Amsterdam

sandaal schoeisel 1477 [Teuth.] <Frans

Overige werken

Woordenboek der Nederlandsche taal (WNT) & Middelnederlandsch woordenboek (MNW) & Vroegmiddelnederlands woordenboek (VMNW) & Oudnederlands woordenboek (ONW) – alle onderdeel van de Geïntegreerde Taalbank (GTB)

Zoek dit woord op in het WNT, MNW, VMNW, ONW.

Hosted by Meertens Instituut