Meehelpen? Ga naar etymologieWiki

 

Jaarwoord generator van Genootschap Onze Taal

 

stockholmsyndroom - (psychologische term)

Dateringen of neologismen

M. De Coster (1999), Woordenboek van Neologismen: 25 jaar taalaanwinsten, Amsterdam

Stockholmsyndroom, vriendschapsgevoelens die slachtoffers van een ontvoering of gijzeling koesteren tegenover hun ontvoerders, gijzelnemers. Verwijst naar een bankoverval in de Zweedse hoofdstad Stockholm in 1973. De lotsverbondenheid tussen daders en slachtoffers ging toen zo ver, dat de gijzelaars zich tegen de politie keerden toen die hun gijzelnemers kwam overmeesteren. Achteraf, tijdens het gerechtelijk onderzoek, getuigde een groot aantal onder hen ten gunste van de gangsters. Een ander vroeg voorbeeld van het Stockholmsyndroom is de Amerikaanse Patty Hearst, die in 1974 werd ontvoerd door een groepje Californische radicalen. Ze werd verliefd op een van haar ontvoerders en hielp de groep daarna tijdens vele bankovervallen. Onderzoek naar slachtoffers van vliegtuigkapingen, gijzelingsacties e.d. leverden opvallende parallellen op.

Hij had het over identificatie van de slachtoffers met hun gijzelaars. Het Stockholm-syndroom... (Wim Kayzer: Onfatsoenlijke herinneringen, 1988)
Hebt u al eens gehoord van het ‘syndroom van Stockholm’? Dat is het vreemde gegeven dat iemand die is ontvoerd, na verloop van tijd een zekere sympathie begint te voelen voor zijn ontvoerders. (Nieuwe Revu, 02/03/89)
De betrokkenen leden aan het Stockholm-syndroom, een psychologisch gestoorde toestand die onder meer gekenmerkt wordt door het feit dat men van de gijzelnemers gaat houden. (De Morgen, 02/02/91)
Amerikaanse psychologen onderzochten verscheidene groepen en ontdekten opvallende parallellen met het Stockholm-syndroom. Het ging om slachtoffers van verschillende misdrijven: overlevenden van concentratiekampen, mishandelde en in de steek gelaten kinderen, incestslachtoffers, leden van bepaalde gewelddadige sektes, krijgsgevangenen en vrouwen die door hun echtgenoot mishandeld en misbruikt werden. Bij al deze groepen bleek in meer of mindere mate sprake te zijn van het Stockholm-syndroom. (Psychologie, november 1993)
Karremans heeft, denkt hij, een ‘politieke blinde vlek, zoals helaas wel meer commandanten binnen de Nederlandse krijgsmacht’, maar van het geregeld als excuus aangehaalde ‘Stockholm-syndroom’ (identificatie van gegijzelde met gijzelaar) wil Van Staden niks weten. (HP/De Tijd, 04/08/94)
Wie thuis zit en zich op de hoogte láát houden van allerlei berichten over de oorlog en het hoofd koel houdt, heeft een evenwichtiger oordeel over de strijd dan overste Karremans en zijn helden. Wie langer dan drie weken in Bosnië zit lijdt aan een Stockholm-syndroom of aan ‘double-binds’ en wordt ontoerekeningsvatbaar verklaard. (Vrij Nederland, 29/07/95)
Opvallend was dat Sabine, die het langst in gevangenschap had gezeten, zich vragen stelde over het gedrag van haar ouders. Dutroux was geen onmens voor haar. Ze leed in het begin nog aan het Stockholm-syndroom: het psychologische verschijnsel waarbij het slachtoffer zich aan de dader hecht. (De Standaard, 27/12/96)
Volgens Munante hadden zich tussen de gijzelaars en sommige gijzelnemers tijdens het 126 dagen durende drama vriendschapsbanden ontwikkeld. Dat fenomeen — waarbij daders en slachtoffers zich geleidelijk met elkaar gaan identificeren — staat bekend als het Stockholm-syndroom. (NRC Handelsblad, 25/04/97)
Overige werken

Woordenboek der Nederlandsche taal (WNT) & Middelnederlandsch woordenboek (MNW) & Vroegmiddelnederlands woordenboek (VMNW) & Oudnederlands woordenboek (ONW) – alle onderdeel van de Geïntegreerde Taalbank (GTB)

Zoek dit woord op in het WNT, MNW, VMNW, ONW.

Hosted by Meertens Instituut