Meehelpen? Ga naar etymologieWiki

 

Jaarwoord generator van Genootschap Onze Taal

 

tondeuse - (haarscheerapparaat)

Etymologische (standaard)werken

M. Philippa, F. Debrabandere, A. Quak, T. Schoonheim en N. van der Sijs (2003-2009) Etymologisch Woordenboek van het Nederlands, Amsterdam

tondeuse zn. ‘haarscheerapparaat’
Nnl. Nette inrichting voor SCHEREN en HAARSNIJDEN, ook met de Tondeuse (advertentie) [1891; Zierikzeesche Nieuwsbode], 1 paarden-tondeuse [1894; Maas- en Roerbode], tondeuse ‘werktuig om schapen te scheren’ [1903; Koenen].
Ontleend aan Frans tondeuse ‘scheerapparaat voor baard en haren’ [1904; TLF], eerder al ‘scheerapparaat voor dieren’ [1890; TLF], ‘grasmaaimachine’ [1876; TLF], ‘scheerwerktuigje bij de lakenfabricage’ [1832; TLF], een afleiding van tondre ‘scheren’ [ca. 1130; Rey], een ontwikkeling van Laatlatijn tondere, een variant van tondēre ‘scheren, maaien, plukken’.
Latijn tondēre is verwant met: Grieks téndein ‘knagen’; Oudiers tenn- ‘snijden, knagen’; < pie. *tend- ‘snijden, splijten’ (LIV 628).

P.A.F. van Veen en N. van der Sijs (1997), Etymologisch woordenboek: de herkomst van onze woorden, 2e druk, Van Dale Lexicografie, Utrecht/Antwerpen

tondeuse [haarknipapparaat] {1901-1925} < frans tondeuse, vr. van tondeur [scheerder] < middeleeuws latijn tondor, tonsor [schapenscheerder] < latijn tonsor [barbier], van tondēre (verl. deelw. tonsum) [scheren], verwant met grieks temnein [snijden] (vgl. tonsuur).

Dateringen of neologismen

N. van der Sijs (2001), Chronologisch woordenboek: de ouderdom en herkomst van onze woorden en betekenissen, Amsterdam

tondeuse haarknipapparaat 1901 [WNT] <Frans

Overige werken

Woordenboek der Nederlandsche taal (WNT) & Middelnederlandsch woordenboek (MNW) & Vroegmiddelnederlands woordenboek (VMNW) & Oudnederlands woordenboek (ONW) – alle onderdeel van de Geïntegreerde Taalbank (GTB)

Zoek dit woord op in het WNT, MNW, VMNW, ONW.

Hosted by Instituut voor de Nederlandse Taal